February 3, 2026
3:30
February 21, 2023
February 4, 2026
3:15

Wie op zoek is naar een huurwoning, ziet vaak grote verschillen in de prijslijsten. Een kale woning is het goedkoopst, een gestoffeerde woning zit in het midden, maar voor een volledig gemeubileerd appartement betaal je maandelijks de hoofdprijs. Dat kan soms aanvoelen als een forse opslag voor een bank en een eettafel die je misschien zelf ook wel had kunnen kopen. Toch zit de hogere prijs niet alleen in de spullen zelf.
Het huren van een gemeubileerde woning is in feite een andere dienst dan het huren van een lege ruimte. Je betaalt voor gemak, flexibiliteit en een totaalpakket waarbij je alleen je koffer hoeft uit te pakken. Maar hoe is die meerprijs precies opgebouwd en waar betaal je nu eigenlijk voor achter de schermen?
De meest logische reden voor de hogere huur is de investering die de verhuurder heeft gedaan. In een volledig gemeubileerde woning vind je niet alleen de basis zoals een vloer en gordijnen, maar ook meubels, verlichting, keukenapparatuur en vaak zelfs servies en bedlinnen.
De verhuurder mag een vergoeding vragen voor het gebruik van deze zaken. Meubels verslijten sneller dan de muren van een huis. Door intensief gebruik van verschillende huurders moeten banken, matrassen en apparaten vaker worden vervangen dan in een gemiddeld huishouden. In de huurprijs zit dus een component voor de afschrijving van deze spullen verwerkt.
Het inrichten van een woning kost tijd en geld. De verhuurder heeft keuzes gemaakt voor de styling en gezorgd dat alles op elkaar is afgestemd. Dit 'kant-en-klaar' concept heeft een marktwaarde. Je betaalt als het ware voor de service dat je zelf niet naar de woonboulevard hoeft, geen meubels hoeft te sjouwen en geen installateurs hoeft te regelen voor je wasmachine of televisie.

Gemeubileerde woningen richten zich vaak op een specifieke doelgroep: mensen die voor een relatief korte periode (bijvoorbeeld zes maanden tot twee jaar) ergens willen wonen. Dit brengt voor de verhuurder extra risico's en kosten met zich mee die in de prijs worden doorberekend.
Wanneer je een kaal huis huurt en je eigen wasmachine gaat kapot, moet je zelf een nieuwe kopen. In een gemeubileerde woning is dit de verantwoordelijkheid van de verhuurder.
Als de meegeleverde koelkast ermee ophoudt of de bank doorzakt door ouderdom, moet de verhuurder dit herstellen of vervangen. Je betaalt dus ook een premie voor de zekerheid dat je bij defecten niet zelf voor grote onverwachte uitgaven komt te staan. De verhuurder moet hiervoor een financiële buffer aanhouden, wat de maandelijkse huurprijs opdrijft.
Hoewel gemeubileerd huren duurder is, mag een verhuurder niet zomaar elk bedrag vragen voor de meubels. Er gelden regels voor de servicekosten die voor de inboedel worden gerekend.
In Nederland moet de vergoeding voor meubilering gebaseerd zijn op de werkelijke kosten en de afschrijving. Een vuistregel die vaak wordt gehanteerd, is dat de verhuurder per jaar ongeveer 20% van de dagwaarde van de meubels mag doorberekenen aan de huurder (bij een afschrijftermijn van vijf jaar). Als de spullen al tien jaar oud zijn, hoort de vergoeding dus lager te zijn dan bij een splinternieuwe inrichting.
Of de hogere prijs de moeite waard is, hangt volledig af van je situatie. Als je van plan bent om jarenlang op dezelfde plek te blijven, is het bijna altijd goedkoper om een gestoffeerde woning te huren en zelf meubels aan te schaffen. Je hebt de investering er dan na een jaar of twee meestal wel uit.
Zoek je echter een plek voor een korte overbrugging, ben je veel aan het reizen voor werk of heb je op dit moment simpelweg het kapitaal niet om een heel huis in te richten? Dan weegt het gemak van een gemeubileerde woning vaak op tegen de hogere maandlasten. Je betaalt voor de vrijheid om te kunnen vertrekken met niet meer dan een paar koffers zodra je contract afloopt.